Timothy Ferriss – Een werkweek van 4 uur Leid een rijk leven zonder veel te doen

Uiteraard trekt zo’n boektitel aan loonslaven of workaholics. Wie wil er niet rijk worden in weinig tijd? Zit ik nu een TellSell product aan te prijzen? Is Ferrisboek alleen een reclamespot voor zijn eigen succesverhaal, of bevat het lessen voor ons allemaal. Ferris (1978) is enerzijds het toonbeeld van de American Dream: als je echt wilt, kun je slagen in het leven. Anderzijds prikt hij ook nuchter door de inproductiviteit van het huidige bedrijfsleven, maakt hij handig gebruik van Friedman’s The World Is Flat , Anderson’s Long Tail en de nieuwe wetmatigheden die gelden voor een Web Worker en e-business. Lastige aspecten als het combineren van een mobiele levensstijl met een gezin, de korte levenscyclus van producten of de ethische aspecten op lange termijn van outsourcing puur vanwege de kosten laat Tim links liggen. Hij is eerlijk over oppervlakkige marketingprincipes die bijvoorbeeld leidden tot de titel van het boek. Degene die het hele boek leest en niet een recensie schrijft op basis van de inleiding of de omslag, snapt dat er langer dan 4 uur gewerkt wordt, en uitbouwen van je eigen bedrijf naast een betaalde kantoorbaan niet zonder slag of stoot gaat.

 

Natuurlijk, voor minipensioenen (geniet van het leven, stel dat niet uit tot je 65e), uitbesteden van uitzoekklussen, organisatie van evenementen, productie, distributie en afhandeling van goederen is er veel meer mogelijk dan je denkt. Daarvoor helpen diverse oefeningen, voorbeelden, referenties en berekeningen in dit boek. Dat je met intensieve training best kampioen tangodansen of zoiets kunt worden, bewijzen Nederlandse televisieseries als Idols en Sterren dansen op het ijs. Ferris’ tips om je cv op te krikken en indruk te maken op investeerders, mediavertegenwoordigers of universiteiten grenzen aan leugens om eigen bestwil. Hecht dus niet teveel waarde aan zijn gastdocentschap aan Princeton University. Wat als iemand zich op zo’n manier bij Ferris zelf naar binnen zou smoezen? Het echt onderscheidend vermogen van voedingssupplementen, snelleescursussen en t-shirts is natuurlijk ver te zoeken. En wat te denken van de Nieuwe Rijken, niet noodzakelijkerwijs miljonairs, maar – conform Timothy Ferris’ eigen drang om als een popster te leven – wel genoeg in de slappe was om er regelmatig tussenuit te knijpen om te ontdekken dat je onder de 20 dollar geen fatsoenlijke maaltijd in een Londens restaurant kunt krijgen.

Gary Klein – Intuitie in het werk

Gary Klein schreef Sources of Power, volgens Business & Strategy een van de beste managementboeken van de 20e eeuw. Klein werkt al vele jaren zeer succesvol met het concept intuïtie bij bedrijven en organisaties. Daarbij neemt hij bewust afstand van een magische/mystieke invulling van het begrijp, en pleit hij voor een doelgerichte synthese tussen ratio en intuïtie. Het boek Intuïtie in het werk is na de inleiding verdeeld in opbouwen, instandhouden en overbrengen van intuïtie.

Het opbouwen gaat volgens het herkenningsgeoriënteerd beslissingsmodel, waarin patroonherkenning, mentale modellen en aanwijzingen in een situatie handvaten bieden. De toepassing draait om oefeningen. Klein stelt er een aantal aan je voor:  de premortem exercitie, probleemdetectie, omgaan met onzekerheid, inschatten van situaties, het ruimte bieden aan gerichte creativiteit en het aanpassen van en improviseren op bestaande plannen. Het in standhouden van intuïtie draait om het kunnen overbremngen van je intentie en het anderen helpen aan een sterke intuïtie. Leercultuur, cognitieve taakanalyse, coaching geven en krijgen zijn hierbij belangrijke hulpmiddelen. Klein staat vervolgens stil bij de rol van metrieken en de invloed van informatietechnologie op het gebruik van intuïtie. Klein schrijft verhelderend, biedt allerhande casebeschrijvingen en zoekt verbinding.

Cliff Atkinson – Beyond Bullet Points

 Cliff Atkinson draait al diverse Office generaties mee. De 2007 versie belandde via Amazon op mijn boekenplank. Death by PowerPoint is een veel voorkomend verschijnsel, en methoden om presentaties te verrijken in plaats te vernielen, zijn nuttig voor elke presentator. De techniek van storyboarding staat centraal in Atkinson’s boek. Eerst script schrijven, dan pas scenes invullen en als laatste plaatjes schieten. Met een beetje geluk houd je geen bullet point meer over in je volgende presentaties, maar stijgt de erkenning voor je structuur, boodschap en vorm.

Met een CD ROM, waarop de Word en PowerPoint templates voor de structuur, verschillende appendices, de PDF versie van het boek, en dergelijke staan,  is je presentatiegereedschap weer up-to-date.

Speaking of India: Bridging the Communication Gap When Working With Indians

 In Speaking of India neemt Craig Storti je mee naar de valkuilen die Indiase en westerse collega’s kunnen tegenkomen in hun contacten op de ‘werkvloer’. Tussen quotes, want de werkvloer kan een verbinding tussen locaties verspreid over de wereld zijn, of een op één plek samengebracht team, waarin de beide culturen elkaar letterlijk ontmoeten. Storti waakt voor generalisaties, hoewel ze voor de beeldvorming natuurlijk wel handig zijn.

Diverse herkenbare voorbeelddialogen laten zien hoe snel communiceren ‘zo dicht mogelijk langs elkaar heen praten’ wordt. Aspecten als hiërarchie, Hofstra’s onderzoeken naar collectivisme versus individualisme en machtsafstand, verschillen tussen mannen en vrouwen en het Engels worden beschreven. Elk hoofdstuk sluit af met best practices en tips voor zowel de Indiase als westerse optiek. Het boekje rondt na diverse communicatie issues in de taal (bevestigen, ontkennen, positieve en negatieve feedback, vragen stellen, het bespreken van deadlines) af met een overzicht van diverse gebruiken, waarin westerlingen en Indiërs verschillen, zoals eetgewoonten, cadeaus bij een visite, het dragen van schoenen, kledingkeuze, het schudden van handen om het omhelzen van mensen van hetzelfde of andere geslacht. Handig voor in je multi-culti, rightshoring bagage.

Norman Doidge – The Brain That Changes Itself: Stories of Personal Triumph from the Frontiers of Brain Science

 Norman Doidge , zelf psychoanalist, psychiater, onderzoeker, schrijver en dichter beschrijft in The Brain That Changes Itself: Stories of Personal Triumph from the Frontiers of Brain Science de laatste inzichten uit de school van neuro or brain plasticity . Met deterministische en Darwinistische inzichten over de hard wired aard van onze hersenen wordt afgerekend met veel praktijkvoorbeelden, gekoppeld aan spraakmakende onderzoeken. De jarenlang gepropageerde paradigma’s rondom de strikte indeling van de hersenen in gebieden die vastomlijnde taken (gehoor, spraak, visueel geheugen, motoriek, plezier, etc.) uitvoeren of ‘waarnemen’, blijken niet langer houdbaar. Het boek brengt je bij vrouwen met verstoorde evenwichtsorganen, kwieke senioren, een schaakspelende Nathan Sharansky in Russische gevangenissen, seksuele aantrekkingskracht en liefde. Uitgebreid staat Doidge stil bij hoe een pornografische verslaving echt werkt, en waarom cold turkey afkicken daarvan helpt.