Frank Viola & George Barna – Pagan Christianity?

Elke zichzelf respecterende kerk of gemeente beweert zich te baseren op Gods Woord, de Bijbel. Leer en praktijk worden met een beroep op de Heilige Schrift onderbouwd, verklaard en verdedigd. Kerkverlating omdat de gewoontes niet (meer) aanspreken, het haast slaafs volgen van tradities of het versterken van de eigen identiteit ten koste van omliggende gelovigen en denominaties zijn zo wat effecten. Zelf zoek ik al jarenlang naar de momenten en oorzaken in de kerkgeschiedenis die het prille begin van het christendom in het bijbelboek Handelingen hebben gemaakt tot de instellingen die we nu kerk en gemeente noemen, kortom het ‘christelijke wereldje’ uitleggen. Frank Viola & George Barna hebben met Pagan Christianity? de ongestelde vragen gesteld en zijn op zoek gegaan naar antwoorden. Niet om God en geloof af te vallen, integendeel, juist om te zoeken naar de bijbelse wijze van samenkomen van christelijke gelovigen.

In hun analyse van de kerkgeschiedenis heeft het schrijversduo zich vooral gericht op de Protestante Kerk als instituut. Uiteraard zijn de Rooms-Katholieke Kerk in de eerste 15 eeuwen nodig voor het verhaal. En, waar menig evangelische gemeente of charismatische gemeenschap, Pinkstergemeente of andere denominatie zich nogal eens afzet tegen de ‘gevestigde kerken’, zijn ook deze instellingen niet schoon van menselijke instellingen en regels.

Je zou hier al kunnen stoppen. Kritiek op de gevestige orde, zeker als het om geloofszaken gaat, is linke soep. De kerk, synode, dominee, pastoor, paus, etc. heeft gelijk, ervoor gestudeerd, dus wie ben ik om er wat van te vinden? Of anders: o, wat gewaagd, hier moet de duivel wel aan het werk zijn. Onderstaande spoof commercial voor het boek op Youtube, illustreert het effect: the most reviewed book by those that haven’t read it geweldig.

De schrijvers, zelf ook christen, zijn er niet om medegelovigen te kwetsen, te veroordelen of in een kwaad daglicht te stellen. De kerk als instituut, niet de groep gelovigen hebben de heren op het vizier. Genadeloos wordt afgerekend met de vele heidense invloeden die allerlei ‘christelijke’ instituties hebben gevormd tot wat ze nu zijn: kerkgebouw, verdeling tussen leek & kader, liturgie, preek, de dominee/voorganger, zondagse kleding, muziek in de samenkomst, tienden, betaalde kerkelijk werkers, doop en eucharistie, opleidingen theologie en bijbelscholen en de manier waarop de Bijbel wordt gelezen, uitgelegd en benaderd. Hoewel met 1100 voetnoten en een enorme schat aan achtergrondinformatie, willen de auteurs niet zozeer kennis overbrengen, informeren, maar harten aanraken. Nadrukkelijk staan ze aan het eind stil bij de ‘En toen?’ vraag. Een dergelijke reeks gewetensvragen aan de lezer vraagt om een reactie. Bewustwording wat door mensen ingesteld of ingebracht is, en wat werkelijk terug te voeren op de Bijbel, is een eerste begin. Het vervolg moet zitten in de manier waarop je met medegelovigen wilt, mag c.q. zou moeten samenkomen om God te aanbidden, geestelijk te groeien, elkaar te dienen en het evangelie bekend te maken in je omgeving.

Frank Viola zelf heeft goede ervaringen opgedaan met zogenaamde organic churches , gemeentes die wel lijken op het beeld, dat het Nieuwe Testament oproept van een christelijke gemeenschap. De profetie in Ezechiël 37 over het dal met dorre beenderen in gedachten hebbend, is het zaak een gemeente te laten geboren worden, niet zelf te maken. Immers, je zou heel makkelijk conclusies kunnen trekken uit het boek en vooral voor jezelf kunnen beginnen. Je huisgroep of wijkkring is zó tot nieuwe kerk gebombardeerd met jijzelf als hoofd. Dat is begrijpelijk, maar het is niet in lijn met de Bijbel.

Het boek zelf heeft al bij elk hoofdstuk een Q&A sectie, meer kun je vinden op www.paganchristianity.org . Ook behulpzaam is het vorige boek van Viola, The Untold Story , een chronologische herschikking van de verhalen uit de nieuwtestamentische boeken en brieven om je te helpen het grotere geheel te zien. Pagan Christianity is wat Viola en Barna betreft slechts één deel van de conversatie. Het vervolg uit september 2008 heet Reimaging Church . Een reconstructie van Gods oorspronkelijke bedoeling met de gemeente, het lichaam van Christus, een organisch, levend, ademhalend organisme. Een gemeente vrij van conventies, gevormd door een geestelijke intimiteit en niet opgesloten tussen 4 muren.

Op mijn  weblog zal ik de komende tijd lessen uit Pagan Christianity? verder uitwerken, voorzien van voorbeelden uit mijn eigen ervaringen in kerken en gemeenten en vooral koppelen aan positieve ontwikkelingen rondom gemeente zijn.

Reblog this post [with Zemanta]

Tinnen Figuren Museum Ommen

      No Comments on Tinnen Figuren Museum Ommen

Het voormalige stadhuis van Ommen herbergt tegenwoordig het Nationaal Tinnen Figuren Museum . Momenteel zijn er diverse wisseltentoonstellingen, zoals Een muzikale ontmoeting met Wendelin Lonicer, een collectie rondom muziek en 18/19e eeuwse taferelen. In de Andersenzaal is een bijzondere expositie over diorama’s van sprookjes, maar ook moderne sprookjes als manga, anime en Star Trek. De Slag bij Waterloo (1815) van Wieringa met meer dan 10.000 figuurtjes op 24 vierkante meter,

Slag bij Waterloo in Tinnen Figuren Museum Ommen

de Slag bij Ane (1227), de uitbeeldingen van bijbelse vertellingen en vaderlandse geschiedenis. De kinderen vonden ook de carrousel met de complete stoet van de Gouden Koets door Den Haag erg leuk.

In de schoolvakanties kun je er zelf een gekocht tinnen figuurtje beschilderen.

Reblog this post [with Zemanta]

Aharon Appelfeld – Het verhaal van een leven

Aharon Appelfeld was 7 jaar toen de Tweede Wereldoorlog zijn jonge leven op de kop zette. Samengedreven met andere joden in een getto, daarna de deportatie naar een werkkamp in de Oekraïene, zijn ontsnapping, de oorlogsjaren in de bossen en daarna de tocht naar Palestina. De jaren van dienstplicht, het Hebreeuws onder de knie krijgen, studeren en het verleden in het heden een plaats geven. Het ontdekken van het schrijven.

Appelfeld heeft al 20 boeken over de shoah op zijn naam staan, maar vertelt op zijn eigen wijze. Ontworteling, dolen en proberen zijn herinneringen een plek te geven, onder woorden te brengen is, evenals het deze zomer gelezen Het tijdperk der wonderen in de autobiografie Het verhaal van een leven het centrale thema. Wat zijn feiten, wat is gefingeerd? Wat is in de loop der jaren in herdenkingsclub en verder leven verdwenen in de kelders van de herinnering, en wat is te pijnlijk om te vertellen. Het verhaal leest vlot en als lezer ben ik blij met schrijvers als Appelfeld die de ontworteling van mensen in oorlogstijd hebben beschouwd, doordacht en er zonder zwart/wit-denken een verwoording voor weten te vinden.

Reblog this post [with Zemanta]

Daniel Pink – A Whole New Mind

      1 Comment on Daniel Pink – A Whole New Mind

Met de subtitel Moving from the Information Age to the Conceptual Age en een aanbeveling van Wired ‘Why right-brainers will rule the future’ en aanbevelingen op de achterflap van Tom Peters, Po Bronson en Seth Godin die de auteur onder meer positioneren als wonderdoener en ‘Copernicus for the brave new age’ worden enorme verwachtingen gewekt en kritische antennes geactiveerd. Het boek A Whole New Mind , dat inmiddels in de VS in de 8e hedruk zit en gewoon erg populair is, moet toch wat te bieden hebben?

A Whole New Mind

En ja, dat klopt. In de lijn van simplificaties en hapklare brokken als The World is Flat en de boeken van Covey past A Whole New Mind perfect in de tijdgeest, waar we opnieuw zoeken naar houvast in een turbulente wereld. En dus zijn de platmakers van Friedman gereduceerd tot een drietal verschijnselen Abundance, Asia en Automation bij Pink. Als je geen toegevoegde waarde hebt ten opzichte van al die andere aanbieders, veel goedkopere vakbroeders in China en India en je werk minstens net zo goed door een computer gedaan kan worden, dan zit je binnenkort werkloos toe te kijken. Tenzij, tenzij je 6 nieuwe zintuigen ontwikkeld die je eigen, bevredigende plek in de wereld geven:
1. Design (weg met alleen een functionele blik op middelen, schoonheid van ontwerp geeft meerwaarde)
2. Story (een goed verhaal bij een persoon of product verkoopt gewoon beter)
3. Symphony (alles heeft een context, overzie het geheel, focus niet op een detail)
4. Empathy (voelen wat de ander voelt)
5. Play (leve de gamers!)
6. Meaning (logisch slotakkoord, wat is het doel van wat je doet? Geef je leven betekenis en richting)

Naast veel betekenisvolle woorden, punten om over na te denken, bevat Pinks boek ook veel zwakke plekken. Waar hij zelf een verdeling zoekt in ‘meer linker hersenhelft gericht’ en ‘meer rechter hersenhelft gericht’, oog heeft voor het complementaire van onze hersenhelften en in het begin van het boek nog pleit voor een ‘volledig gebruik van de hersenen’, gaan diverse voorbeelden, te beginnen met de Wired aanbeveling op de voorkant met te stringent links/rechts en daarmee bij herhaling aardig/veel beter implicerend, de mist in. Wanneer ouders hun kinderen liever artiest laten worden dan wiskundige, ziet Pink dat als bevestiging van zijn argumenten, terwijl het juist wel ‘links’ georiënteerd zijn van de tienduizenden jaarlijks in India en China in exacte vakken, Informatie e.d. afstuderende jongeren een bedreiging vormen die je niet alleen met de 6 zintuigen kunt opvangen. Sterker: wat moet je als meester in de genoemde 6 zintuigen, als er geen voedsel wordt bereid, geen wegen worden aangelegd, geen veilige auto’s worden geproduceerd, geen huizen worden gebouwd, etc.? Anders gesteld: dit boek gaat volledig voorbij aan de samenleving, het milieu, de grote uitdagingen die de wereld zich gesteld ziet, zoals bijvoorbeeld Planeet India wel durft aan te snijden.

Pink husselt slim wat herkenbare thema’s als Flow, Emotional Intelligence, storytelling, hersenonderzoek, spiritualiteit (waarbij alle uitingen, behalve christelijk geloof hip zijn), zelfhulpboeken en testjes tot een eigen mix, waarbij de rode draad immaterieel lijkt te zijn. Op de laatste pagina ontkracht Pink dit echter rigoreus: “China and India are becoming economic behemoths. Material abundance in the advanced world continues to grow. That mean that the greatest rewards will go to those who move fast. The first group of people who develop a whole new mind, who master high-concept and high-touch abilities, will do extremely well. The rest – those who move slowly or not at all – may miss out or, worse, suffer.” Dus toch welvaart als maatstaf voor succes en een afstandelijk ‘jammer dan’ voor degenen die niet zo snel mee kunnen komen: kort Amerikaans!

Reblog this post [with Zemanta]

Noa – Genes and Jeans

      1 Comment on Noa – Genes and Jeans

Begin 2008 werd via Universal Music Spain het nieuwe Engelstalige album van de Israëlische zangeres Noa (voluit Achinoam Nini) uitgebracht en tijdens de gelijknamige tour gepromoot. Nederlandse belangstellenden kunnen de CD nu via diverse (online) kanalen kopen. Genes & Jeans grijpt terug naar de Jemenitische wortels van Noa’s oma. Als inspiratiebronnen luisterde de zangeres / componiste eindeloos naar Aharon Amram, Zion Golan, Shoshana Damari, Shlomo Dachyani, Miriam Tzafri, Avner Gadasi en Ofra Haza. In de opener Waltz To The Road bezingt Noa haar eigen muzikale reis, Gil Dor’s gitaarwerk draagt sterk bij aan de sfeer. In Your Eyes laat Ofra Haza’s en Noa’s heden en toekomst samenvloeien. Het semi-akoestische dromerige The Eyes of Love (liefde gaat niet over de buitenkant) dat met Take Me nog het meest aan de luisterliedjes op haar eerste albums doet denken loopt over in Dreamer, dat over Noa’s opa gaat, een dromer in woord en daad.

Noa - Genes and Jeans

Ani Tzameh brengt het hartstochtelijke verlangen naar Jeruzalem voelbaar dichtbij. Follow Your Heart bezingt de stappen die na het willen reizen volgen, ondanks de twijfel en het omzien. De koppeling via Lecha Dodi met Heart and Head (volg je hart en gebruik je verstand, over de angst en vreugde over de toekomst als je je huwelijk hebt afgesloten) is ook zo’n natuurlijke. Noa’s oma hoor je meezingen op dit nummer. Lullaby (hush, baby, please don’t cry, mama will sing you a lullaby) deed letterlijk denken aan TobyMac’s Irene, waarin deze rustgevend bedoelde frase ook gebruikt wordt. Je kunt je de wanhoop van een reizende moeder door de woestijn met haar kleintje wel voorstellen, zo ongeveer Hagar met Ismaël dolend voor je zien. De lege oliekannen die door Jemenitische joden als percussie instrumenten gebruikt werden, komen niet alleen in de live optredens, maar ook in Dala Dala terug. Het geeft een geweldig energieke basis, het opgejaagde wordt letterlijk opgeroepen, voor Noa’s zang in het Hebreeuws, Jemenitisch en Engels. Een andere, kortere en dichtbij het origineel staande versie van Dala Dala is te horen op Noa’s eerdere album Blue Touches Blue.

Het traditionele kinderliedjes El Ha Maayan (naar de rivier), dat verhaalt over een lammetje dat naar de rivier gaat om naar z’n lotgenootjes te vragen is slim gemengd met het bijbelverhaal over Jacob, de verbazing dat hij 14 jaar voor z’n ware liefde (Rachael) werkte, terwijl een moderne jongere liever binnen 14 minuten een date scoort, en de kracht van onderlinge liefde en verdraagzaamheid. Geweldig percussie, blaas en baswerk in dit nummer! De titeltrack is een oude Jemenitische melodie en bezingt met een knipoog het mogen dragen van een oude spijkerbroek. In The Balancing Act, dat elke ouder aanspreekt, wordt het leven, zeker dat met kinderen, vergeleken met een balanceer act. Een live versie van You Are Too Beautiful met opnieuw prachtig gitaarwerk van Gil Dor sluit de iTunes versie bijzonder af. Samenvattend is Genes and Jeans voorlopig het creatieve hoogtepunt van Noa.

Reblog this post [with Zemanta]