Gezien: Padmaavat: war in the name of beauty

Op Amazon Prime Video trof ik onlangs de Indiase film Padmaavat, eerder Padmavati geheten naar de Rajput koningin Rani Padmini in Chittor, Mewar. De 162 minuten lange historische dramafilm met overigens een beste bak fictie werd geregisseerd door Sanjay Leela Bhansali die ook de epische muziek produceerde. De verhaallijn volgt het gedicht Padmavat (1540) van Malik Muhammad Jayasi over moed, liefde en de strijd om macht met een flinke scheut oorlog in de naam van religie (moslims, hindoes) in de 14e eeuw. In de 5.1 surround mix is de filmmuziek bij de breedbeeld opnamen van binnenplaatsen van paleizen, tropische wouden en tochten door de binnenlanden een genot voor je zintuigen. Schoonheid van vrouwen en macht en rijkdom maakt mannen ambitieus, ontrouw en listig. Er wordt flink gemoord, naar parels gezocht en eer verdedigd. Als je de volgende Alexander de Grote wilt zijn, je mentor stimuleert dat en je god(en) lijken je goedgezind, dank wijkt er veel. A War in the name of beauty. Danger? What danger?!

En dan kan Jauhar, de hindoe praktijk van collectieve zelfmoord, een oplossing zijn om zichzelf te beschermen. Dat is exact wat er in 1303 door de vrouwen in het fort van Chittorgarh in Rajasthan gebeurde, toen het leger van de Khalji dynastie uit het Sultanaat van Delhi naderde. Bij de huishoudelijke mededelingen voorafgaand aan de eerste scene waarschuwt de filmmaker om vooral geen aan het Jauhar verwante Sati (weduweverbranding) te gaan doen, een soort don’t try this at home. Liefde tot de dood ons scheidt…

De universele strijd tussen goed en kwaad door hitsige mannen en moedige vrouwen heeft in Padmaavat wel karikaturen. De moslims zijn de jaloerse, ontrouwe slechterikken, de Rajputs de trefzekere, knappe kerels die voor een uitdaging gaan tot hun laatste ademtocht. Deze mythevorming zien we ook bij de collectieve zelfmoord van Cleopatra VII (ja, die van het bad met ezelinnenmelk) toen Octavianus Egypte aanviel in 30 voor Christus, van Joodse Zeloten op de burcht Massada bij de Dode Zee om zich niet te hoeven overgeven aan de Romeinen in 73, of de dans van Zalongo waar 57 vrouwen en kinderen dansend en zingend zich van een rots in het Griekse Preveza stortten om te ontkomen aan oprukkende Albanese moslims in 1803. Kantelpunten in de geschiedenis, zoals in Padmaavat, toegeschreven aan een vrouw die zelf nadenkt en beslissingen neemt tussen met testosteron opgepompt manvolk.

Zie ook: