Verslag 20e BPUG seminar – Next Practices

Een ‘best practice’ beschrijft een manier van werken waarbij in de praktijk is bewezen dat de uitgevoerde activiteiten de meest efficiënte en effectieve manier zijn om gewenst eindresultaat of doelstelling te realiseren. Best pretentieus, en zeker niet toekomstvast. De tijden veranderen en zo ook veel van de eisen die aan de praktijk van de project management professaional gesteld worden. De Best Practices User Group Nederland, ooit begonnen als PRINCE2 User Group wil dinsdag 13 juni met het 20e seminar verder kijken. Wat zouden next practices, ofwel ‘the next best practices’ kunnen zijn? Toekomstgericht, zonder het verleden uit het oog te verliezen. Eén van de principes onder bijvoorbeeld de projectmanagement methode PRINCE2 is immers het leren van ervaringen.

Hajati Wieferink – Een paradigmaverschuiving

De ruim 400 deelnemers vandaag verwachten van de seminarcommissie misschien wat huishoudelijke mededelingen en aandacht voor de sponsoren, zonder wie deze dag niet mogelijk zou zijn. We krijgen van Hajati Wieferink daarna echter een blended version voorgeschoteld van Clare GravesSpiral Dynamics, Frederic Laloux‘s Teal paradigm (beschreven in zijn boek Reinventing Organizations), en Bob Marshall’s Rightshifting Model.  Voor de geïnteresseerden alvast de laatste mannen zelf aan het woord.

Hajati Wieferink duidt next practices in rightshifting modelKleurentheorieën om fasen in de ontwikkeling van de mensheid, organisaties en raamwerken om de veranderingen teweeg te brengen te duiden. Soms lijkt het een soort Henry Mintzberg (Structures in Fives) meets Nicoline Mulder (Value-based projectmanagement: een aanpak voor chaordische projecten) in de beweging van ad hoc – analytic – synergetic – chaordic.

Wieferink vraagt aan de zaal waar de deelnemers hun eigen organisatie ‘plotten’, maar vermoedt dat er ook principiële niet-handopstekers zijn. Ja, ik ben er één van tijdens dit minicollege. Ik zie eerder trekjes van verschillende ‘kleuren’ in de organisaties waar ik opdrachten uitvoer. Niemand, dus ook niet een organisatie past in precies één hokje. Het eigen mensbeeld strookt niet per se met de organisatiepositie. En dan verwachten veel mensen agile misschien wat meer in het rechter deel van het Rightshifting Model. Nee, met het empiricism als basis is Scrum en dergelijke natuurlijk behoorlijk analytic.

De modellen zijn ook een kapstok om de sprekers en hun onderwerpen uit de rest van het seminarprogramma een plek te geven. De BPUG heeft daarbij gestreeft vooral invulling van de breuklijnen, de faseovergangen te geven, en zo te inspireren.

https://twitter.com/Inneke1967/status/874542364005683201

Keynote Jan Flippo – Je zult maar CIO van Amsterdam zijn

Jan Flippo duidt digitale transformatie bij gemeente AmsterdamJan Flippo is 5 jaar werkzaam als CIO van de stad Amsterdam waar hij verantwoordelijk is voor het inrichten van een nieuw IV-stelsel, governance en de aanpassingen van de organisatie om invulling te geven aan de grote stedelijke opgaven en terugdringing van de daarmee samenhangende uitgaven. Hij veegt direct de vloer aan met de zojuist gepresenteerde kleuren en modellen. Als je iets van orde in een chaos van tientallen uitvoerende IT/IV-organisaties, duizenden applicaties, tientallen netwerken, datacentra, etc. moet scheppen, waarbij besluitvorming langs 10+ schijven met een doorlooptijd van minstens 2 maanden duurt, past bescheidenheid.

Burgemeester & wethouders beslissen uiteindelijk, als CIO wordt je gedoogd en kun je niet op macht of positie bogen om wat gedaan te krijgen. Zelf doen of op de markt betrekken of in partnerships? Waterval èn agile, mensen koesteren en dus niet vanwege een ‘non-agile fit’ ontslaan. Zijn eerste lustrum ziet Flippo als corvé. Ontwikkelingen als Internet of Things en de praktische uitingen van het containerbegrip Digital Transformation ziet hij als duw om constant te blijven doorgaan. Er is geen goed, en dus moet er geprobeerd, geslaagd èn mislukt worden.

Het gaat wat Flippo betreft om verbinden, samenwerken en dienen zonder macht of positie. Hij nomineert deze combinatie als mogelijke next practice.

Ben jij de katalysator van Next Practice?

katalysator van de veranderingSonja van Steekelenburg – De Energieke Schakel- moet het vandaag alleen doen. Haar partner Carla Roebroeck – Positief werk(T) is ziek. Ze zet deelnemers bij binnenkomst meteen aan het werk. Ga het gesprek aan, verbindt aan de hand van vragen als ‘Wat gaat jou moeiteloos af?’ of ‘Waar mogen ze je ‘s nachts altijd voor wakker maken?’.

Daarna mogen we in kleine groepen ervaringen delen en elkaar helpen om een thema dat mij (ik had de langste reistijd gehad vanochtend, en dus mocht hoe dan ook mijn thema als casus inbrengen) bijzonder raakt of bezighoudt en relevant is voor mijn werk te delen. Welja, dat is dus in de basis veranderen zonder positie. Met nieuwsgierige, open vragen mogen de anderen het onderwerp aanscherpen en uitdiepen.En dan dromen. Over 5 jaar wordt dit congres weer gehouden. En jullie wordt gevraagd een best practice te presenteren over dit thema. We komen als groep op de volgende gedachten:

  • Er is nog amper een traditionele lijnorganisatie.
  • Organisatiestructuren zijn er minder.
  • Er zijn meer practices ontwikkeld voor team- en organisatiegrootte, type medewerkers en vaardigheden die nodig zijn in de adaptieve organisatie.
  • Er is bepaald wat nog “hiërarchisch” geregeld moet worden in organisaties.

De kans is groot dat dit weblog over 5 jaar nog goed terug te vinden is. Dus check in 2022 vooral of onze droom is uitgekomen. En bam, dan zit ook deze 45 minuten er alweer op!

Doen we het beter dan de dino’s?

Tanja van den Akker MBA is mede-eigenaar van Forsa Advies, geaccrediteerd trainer in project- en verandermanagement en auteur van ‘PRINCE2 voor Professionele Projecten’ en ‘Verandermanagement, basisprincipes en praktijk’.

Zij gaat na Pangea: The Neverending World uitgezet te hebben, langs de verschillende kleuren en stadia uit het Spiral Dynamics model en vraagt de zaal zichzelf en de organisatie waar men werkt te plotten. Dus zien we de pendule tussen individu en groep bewegen langs de kleuren:

  • beige – overleven
  • paars – geborgenheid
  • rood – macht
  • blauw – orde
  • oranje – succes
  • groen – gemeenschap
  • geel – systeemdenken
  • turkoois – holistisch

Gelardeerd met scènes uit speelfilms, voorbeelden van het thuisfront en werk vliegt ook hier de tijd voorbij, maar niet zonder een aantal next practices te belichten:

  • Zelfbewustzijn, maar ook het beheersen van het ego.
  • Vergroten van het vertrouwen.
  • Sociaal ondersteunen.
  • Zelforganisatie en -sturing.

Cameron Stewart – PRINCE2 2017 and the future of best practice

Axelos' Cameron Stweart projects the next 5 years in project managementCameron Stewart (AXELOS) heeft een aantal boodschappen te vertellen. PRINCE2 2017 is uit – het elektronische manual heb ik al een paar maanden, en ook gelezen; donderdag ga ik examen doen als geaccrediteerd trainer – en dat mag de wereld weten. Meer nadruk op tailoring en agile delivery in a controlled context. Vanaf Q1 2018 komen het bijgewerkte Nederlandstalig PRINCE2 boek en examens beschikbaar. Vanaf juli 2017 eerst alleen in het Engels. De vierde revisie van de methode is begrijpelijker, maar behoudt vrijiwel alles van het raamwerk. Er is een nieuw lidmaatschapsmodel om bijblijven in je vakgebied aan te tonen.

AXELOS beheert veel meer producten en zal in rap tempo doorgaan met uitbrengen van nieuwe raamwerken. Later dit jaar komt een op organisaties gericht ‘thing’ om te kunnen overleven. Waarom? Omdat de context van organisaties, BAU en projectmatig werken verandert. Stewart blikt 5 jaar vooruit en besluit zijn keynote met een appèl aan de projectmanager om vooral ‘the skin in the game’ te hebben.

De keynote van Richard Pharro (APMG) mis ik vanwege de nodige calls en mails op het project, het ‘echte’ werk, dat ook vandag gewoon doorgaat.

Hoeveel ‘Next Agile Practices’ kunnen we overzien?

Henny Portman licht agile methoden en frameworks toeIk schuif weer aan in de grote zaal, als Henny Portman , na ING/NN-meubilair te zijn geworden, nu partner bij HWP Consulting is. Behalve consultant, is Henny spreker, coach en trainer van zowel traditioneel projectmanagement (MoP, MSP, PRINCE2, P3O) als agile aanpakken waaronder PRINCE2 Agile en SAFe. Henny Portman is met zijn PM blog onlangs door Project Directors uitgeroepen tot “Blog of the Year”. Hij schrijft hij af en toe een boekje. En, wat een toeval, vandaag wordt zijn nieuwe boek Scaling in organisaties aan alle andere sprekers meegegeven als bedankje.

Als teaser neemt hij ons mee in het woud met intussen 30 frameworks voor agile ontwikkelen. Wat is de plek van de projectmanager en de (de)centrale PMO in dit geweld van Scrum, SAFe, DAD, Nexus, Scrum@scale, LeSS of Spotify? Dat kan bij tijdelijk uitdijende veranderoirganisaties of bij blijvend inrichten van portfoliomanagement nog heel goed. Voor de rest is het toch een afscheid van veel traditionele projectmanagement- en PMO-functies in organisaties die overstappen op agile.

Op engineering level ziet Portman overigens ook een leemte. HIer kunnen practices als XP, CI/CD en automated testing nog steeds veel waarde toevoegen. De agile smaken op portfolio level zijn er nog maar deels en vergen dus ook doorontwikkelng. Het blijkbaar onlangs uitgebreide Scrum@scale en de komst van Nexus+ geeft mij huiswerk. Portman ziet gevaar in de zombie teams, zoals er eerder zombie projecten en zombie medewerkers waren. Als mogelijke next practices ziet hij de overgang van project naar flow, plan naar value en controller naar advisor.

Back to the future 4

Clemens Bon en Frank van Dam zijn pensionado’s die hun kennis en kunde als wetenschappelijke raad van Oppidum delen. We krijgen in kleine groepen de opdracht te beschrijven wat er in projectmanagement veranderd en ongewijzigd is gebleven in de afgelopen 20 jaar. Ja, principes en thema’s zijn hetzelfde gebleven. Het blijft mensenwerk, communicatie is cruciaal, er zijn plannen en beheersing. Toch zijin er forse accentverschillen, zoals de verschuiving van vuistdikke methoden als SDM naar een Scrum Guide van 16 pagina’s. Maakt dat allemaal significant verschil voor de slagingskans van projecten? Volgens de Standish Group niet. Nog altijd slaagt maar 30% van de projecten. Grote slagen kan de performance maken als (project)organisaties van volwassenheidsniveau 2 naar 3 gaan.

Ik moet helaas afhaken op het moment, dat de groep de opdracht krijgt te beschrijven welke practices nu het verschil tussen 30 en 60% kans van slagen gaan maken. Opnieuw roept de plicht van een conference call voor mijn project. Daarmee heb ik ook geen idee of mijn visitekaartje dit jaar opnieuw ergens in de tombola getrokken is. Ook de netwerkborrel gaat aan me voorbij. Het is wat als practitioner 😉