Wil Schackmann – De kinderkolonie

kinderkolonieHet net buiten mijn woonplaats Balkbrug gelegen Ommerschans, waarvan de 19e eeuwse historie is beschreven in De bedelaarskolonie (2013) heeft me al jaren nauwer betrokken gemaakt bij het wel en wee van de Maatschappij van Weldadigheid. Wil Schackmann heeft in het eerste boek De proefkolonie (2009) het ontstaan van Frederiksoord gereconstrueerd. En nu, na aandrang van het Gevangenismuseum in Veenhuizen, is er een derde titel, De kinderkolonie met als ondertitel Tot een werkzaam leven opgeleid’: De wezen van Veenhuizen (1824-1859).

De grote onderneming van Johannes van den Bosch om ‘zijn’ Maatschappij de opvang van wezen in Nederland te ‘nearshoren’ naar het Drentse Veenhuizen, destijds nog onontgonnen veengebied, was – met de kennis van nu – ondoordacht, niet realistisch en een deugdelijke business case missend. Het plan om 4.000 kinderen tot hun volwassenheid met turfsteken en landbouw, later ook fabrieksarbeid, op te voeden en werkervaring te laten opdoen is doorgezet. In het 19e eeuwse Nederland, waar 60% amper rond kon komen, standen en godsdienst voor scheuringen zorgden en het nog piepjonge koninkrijk, enkele decennia mèt wat nu België heet, is het grotere toneel, waar Schackmann inzoomt op de plannen, de bouw, het bestuur en vooral de impact op de ondergebrachte weeskinderen in een periode van 35 jaar.

Diverse vrijwilligers transcribeerden de stapels handgeschreven archiefstukken voor de auteur die er – in lijn met eerdere boeken – chronologisch verdeeld in leesbare kleine thematische hoofdstukken een lopend verhaal van heeft gemaakt. De vele anekdotes, aantekeningen en logboeken geven een goed beeld in het Nederlands van 2 eeuwen geleden, de (onopzettelijke) verschrijvingen en vooral de drang van bestuurders om ‘in control’ te blijven, waar we akkevietjes nu afdoen als ‘kattewaad’, ‘kat op het spek binden’ of ‘domme pech’.

Armoede, het te rooskleuriger rapporteren naar geldschieters van de stand van zaken, een ontoereikende medische zorgverlening, bestuurlijke incompetentie en een steeds duidelijker wordende bodemloze put luiden het onvermijdbare einde in. In 1859 wordt het kindergesticht in Veenhuizen overgenomen door het rijk en uiteindelijk omgevormd tot de beruchte strafinrichting met diverse gevangenissen, net als Ommerschans tot rijkswerkinrichting, later TBS Kliniek en nu centrum voor transculturele psychiatrie Veldzicht veranderde en Balkbrug van werkgelegenheid bleef voorzien.

Ben je wel eens in het Gevangenismuseum geweest, of zoals ik aan de wandel in en rond Veenhuizen (aanrader!), meer wilt lezen over een invulling van de maakbare samenleving en het verheffen van lagere standen, zoals dat in de 19e eeuw werd gepropageerd (kijk ook eens De IJzeren eeuw aflevering over de Maatschappij van Weldadigheid), is De kinderkolonie informatief, grappig èn triest, maar andermaal een lekker lezend levendig derde boek van de hand van Schackmann over de Maatschappij.