10 tips voor het schrijven van een goede recensie


Ja, ruim 30 jaar na de eerste besprekingen van LP’s voor het Captain’s Club Gospel Nieuws, de jaren erna voor Music & Art en Bottomline Magazine en de laatste 5 jaar bladloos zonder blad voor de mond op mijn weblog, heb ik wel de nodige ervaring en handigheid opgebouwd wat muziekrecensies aangaat. En met elke 3 dagen een boekbespreking afleveren, gaat naast het lezen ook het schrijven in rap tempo.

1. Bepaal je doelgroep

Zoveel mensen, zoveel smaken. Jongelui spreek je anders aan dan bejaarden. Heeft je doelgroep meer dan gemiddelde belangstelling voor je boodschap? Denk aan gespecialiseerde magazines voor progressive rock, heavy metal of de dance scene. Verschijnen je recensies in een algemeen blad als een krant, magazine voor een leeftijdscategorie of geslacht (jongens- of meidenblad)?

2. Bepaal medium

Schrijven is schrappen. Dat geldt zeker voor recensies die in een krant of papieren magazine komen. Beperkingen van maximaal 150-300 woorden zijn dan normaal. Schrijven voor een eigen weblog geeft juist veel extra mogelijkheden, zoals invoegen van hyperlinks, videoclips en Spotify afspeellijsten.

3. Lees of luister zelf

Het kopiëren van een persbericht is niet recenseren. Nog te vaak kom ik op Goodreads of Amazon besprekingen tegen die niets anders zijn dan de teaser die de uitgever, platenmaatschappij of copy writer heeft toegestuurd. Lees of luister zelf wat je wilt bespreken. Investeer in de benodigde tijd. Als je ervoor betaald wordt, is dat werktijd. Recenseer je vrijwillig, doe je dat omdat je het leuk vindt. En als je de tijd er niet voor hebt, of wilt maken, vermoei een ander dan niet met broddelwerk.

Een boek kun je na één aandachtige lezing prima bespreken. Hetzelfde geldt voor een concertregistratie op DVD/blu-ray. Voor een muziekalbum heb ik vaak meerdere luisterbeurten nodig. Soms moet een album beklijven.

4. Kies je specialiteit

De tijd dat ik maandelijks 5 worship CD’s kreeg toegestuurd om er wat over te schrijven, ligt gelukkig achter me. Als je niets met een genre hebt, wordt lezen / luisteren en bespreken moeizaam en leg je het af tegen de experts. Beperk je dus in wat je wel en niet recenseert. Ik informeer belangstellende boekenschrijvers daarover op mijn contactpagina.

5. Niet alles wat blinkt, is goud

Geen uitgever, P+R medewerker, schrijver of artiest zal aankondigen dat een product een bedenkelijke kwaliteit heeft. Los van aansluiten bij je smaak, is kwaliteit wel aan objectieve normen te koppelen. Een geluidsmix die je speakers teistert, songteksten die niet dieper gaan dan “ooh, aah”, of een ebook opmaak die een witregel na elke tekstregel laat zien. Vorm doet veel. Stylistisch kunnen er ook missers zijn. Denk aan de wel erg uitzonderlijke A Sky Full of Stars op het Coldplay album Ghost Stories (2014) of de vandaag nog beluisterde Battle Born (2012) van The Killers, dat wisselt tussen een herrezen Meatloaf en a-ha, en als uitsmijter een dance remix van Flesh and Bone biedt. Dat is net zo verwarrend als de schrijver van een roman die per hoofdstuk de verteller wisselt.

6. Gebruik een kapstok voor je recensie

Als houvast voor jezelf en je publiek is een kapstok handig. Denk aan de achtergrond en historie (hoeveelste, inspiratie, aanleiding), het thema (concept), inhoud (per nummer, per soort, per hoofdstuk of thema) en de uitwerking (vorm, productie, medewerkers). Mijn boekbesprekingen gaan vergezeld van een biografie van de auteur.

De structuur van de uitgebreidere boekbesprekingen in De Nieuwe Koers vind ik ook goed:

  1. Waar ligt de schrijver wakker van?
  2. Wat verrast in dit boek?
  3. Wie schrikt van dit boek?
  4. Waar zit de blinde vlek van de schrijver?
7. Wees geïnformeerd

Bij de boekbesprekingen op de middelbare school had je de primaire literatuur (het te bespreken boek of dichtbundel) en secundaire literatuur (commentaren, achtergronden). Zoek informatie die je helpt bij het recenseren: de officiële website van de band, artiest of auteur; Wikipedia pagina’s, recensies van anderen, je eigen eerdere besprekingen; namen en achtergronden van meewerkende artiesten, producers, regisseurs, vertalers, etc.

8. Maak het niet te bloemrijk

Elke zin volstoppen met bijvoeglijke naamwoorden, beeldspraak, verkleinwoorden en stijlfiguren, is vermoeiend. Allen ingewijden kunnen zich hopelijk iets voorstellen bij de gebruikte termen. Een willekeurige recensie, ik pak de nieuwe plaat van De Staat op nu.nl, illustreert dit: “een Beastie Boys-achtige track, verrijkt met allerlei samples”, “oldschoolhiphop”, “een Morriconesk westernfluitje”, “vlammende liveshows met ronkende rocksongs”, “ineens zoetgevooisde soulvocalen te horen in een zwoel en zweterig arrangement”, “knutselwerkjes” en “een eclectisch stukje popmuziek”.

9. Lengte bepaalt kwaliteit

Heb je de ruimte, kan een wat langere recensie echt een goed beeld geven van een product. De recensies op Jesusfreakhideout.com zijn zo opgezet. CCM Magazine is in recensies de laatste 20 jaar achteruit gegaan. In nog geen 70 woorden doe je een album als Between the Stars van Flyleaf géén recht. Revolver Magazine besteedt ook weinig woorden aan dit album. Vergelijk de stukken eens met Blabbermouth en NewreleaseTuesday. Zoek balans. Als je in een krant of magazine ruimte voor bijvoorbeeld 100-150 woorden krijgt en je bent vrij bijvoorbeeld op je eigen blog een uitgebreide recensie te plaatsen, waarom niet dubbele bespreking?

10. Het is jouw recensie

Een recensie is altijd subjectief. Daarom heeft een artiest, auteur, uitgever of verkoper ook baat bij zoveel mogelijk besprekingen. Jouw * tegenover de ***** van een ander. Wat jou niet is opgevallen, stoort of pleziert een ander. Amazon stuurt me een notificatie als anderen geholpen zijn door een recensie. Dergelijke waardering helpt je ook als recensent.

Zorg ervoor, dat je achter je recensie staat, ook al krijg je commentaar. Een * of ** recensie kan namelijk ontmoedigen, boos maken, teleurstellen en bijbehorende reacties oproepen. Als je regelmatig recenseert, wees dan zuinig met zowel * als ***** besprekingen. Nogmaals: niet alles dat blinkt, is goud. Als echter niets goed genoeg is, word je ervaren als zuurpruim. Tenzij dat je handelsmerk is (denk aan Johan Derksen of Maarten van Rossem), is een genuanceerde blik op de wereld plezieriger voor jou en je publiek.