Ellen Heijmerikx – Wij dansen niet

De notificatie van Wij dansen niet, een roman over de werking van het geloof van de Noorse Broeders op een jong meisje van Ellen Heijmerikx als nieuwe aanwinst bij de bibliotheek deed jeugdherinneringen herleven. De vriendschap met vanuit de Christelijk Gereformeerde Kerk Deventer in 1962 naar de Noorse Broeders overgestapte dominee Van der Linden en z’n gezin, de gang van hun kinderen langs de Gereformeerde Gemeenteschool in Teuge en het Rooms-Katholieke Geert Groote College in Deventer, sociale omgang met leeftijdsgenoten en keuzes in het dagelijks leven van de 80’er jaren. Zelf ben ik een aantal keren bij jeugdsamenkomsten in Terwolde geweest van de Noorse Broeders en herkende dus een en ander van wat Heijmerikx beschrijft. Destijds was de geloofsgemeenschap echt afgezonderd van de wereld, letterlijk onvindbaar op de kaart. In de loop der jaren heb ik maar weinig mensen ontmoet die de geloofsgemeenschap iets beter kenden dan alleen van naam. En dus is Wij dansen niet van de voormalige geloofsgenote Heijmerikx bijzonder.

Vanuit de optiek van de achtjarige Janne wordt de bekering van een Hollands gezin uit IJmuiden tot de geloofsgemeenschap van de Noorse Broeders, aanvankelijk nog vis-Vikingen genoemd, maar gaandeweg broeders en zusters. Van januari 1959 tot januari 1960 vind de radicale ommekeer plaats. Van het schoorvoetend kennismaken met de andere, dichterbij de mensen preken en delen van een blij geloof en een oproep bij de uitverkoren 144.000 uit het boek Openbaringen te horen en de oude mens (zonden, verleidingen, fouten) achter je te laten en de heiligmaking serieus te nemen tot een stapsgewijs verder afzonderen. Waar Janne en haar broer IJze in het boek elkaar nog uitschelden en kinderlijke ruzies uitvechten, de wat onhandige vader bijna bij de IJmuidense Hoogovens wordt ontslagen en moeder thuis de broek aan heeft, ontstaat per hoofdstuk, dat grofweg telkens een kalendermaand beschrijft, een ander klimaat in huis.

De nieuwe liederen worden geleerd, familieleden overgehaald ook te komen, regels voor kleding en sieraden geïntroduceerd. De juf van de lagere school gaat nog een paar keer het gesprek aan, ziet de verwijdering, maar staat machteloos ten opzichte van de ouders en de invloed op Janne (“Wij dansen niet”). En de scheidslijn van wel en niet uitverkoren en later zelfs wel of niet mee omgaan, gaat dwars door de familie. Vaders macht wordt bevestigd, moeder verwezen naar een ondergeschikte rol. Het sparen voor het conferentieoord in Twente (De Kroeze Danne, overigens tegenwoordig in andere handen), de hulp bij ziekte en pech door broeders en zusters met een verwijzing naar Goddelijk ingrijpen, het vlechten van het haar en de doop als volgend inwijdingsritueel krijgen meer en meer hun plek. Het bewustzijn van borsten en billen wordt verruild voor een regelmatiger pak slaag door vader met een houten of ijzeren pollepel, het bedekken met vormeloze kleding, afscheid nemen van poppen en het onderdrukken van lusten. De geboorte van Jette betekent een eerste ‘onbevlekte ontvangenis’ in het gezin, dat steeds meer ernst maakt met het volgen van Jezus en de leiders in de geloofsgemeenschap.

De naweeën van de Tweede Wereldoorlog (wie was goed en wie fout?), de wederopbouwjaren ’50, maar ook nog vanuit angst (hel en verdoemenis preken, een gevoel van veiligheid kweken door je te kandideren voor een selecte groep uitverkorenen en verhalen over satan en de strijd met hem, nachtmerries en de ruzies met grote broer) drukken hun stempel op context en verhaallijn. Anders dan in romans van Chaim Potok als Mijn naam is Asjer Lev of De gave van Asjer Lev, Nineve van Rick de Gier of De vader en de zoon van Peter ter Velde, is de hoofdpersoon geen held die zich ontworsteld aan de beklemmende gemeenschapseisen en terugblikt. Ook wordt de beweging niet belachelijk gemaakt of veroordeeld. Janne neemt, hoewel nog niet oud genoeg, de beslissing zelf het doopritueel met Jette te volvoeren (‘aldus betaamt het ons gehoorzaamheid te betrachten’ klinkt hierin door) met fatale afloop.

De lezer heeft zelf de ruimte zich een beeld en oordeel te vormen. Zelfverwerkelijking en gemeenschapszin, opoffering voor een hoger doel, kortom de pieken in Maslow’s behoeftenpyramide worden immers in zowel christelijke gemeenschappen als religies, clubs, verenigingen en allerhande zelfhulpboeken gepredikt. Wanneer gaat effectief en bindend over in destructief en afstotend? Ellen Heijmerikx won in 2010 de Academica Debutantenprijs met haar roman Blinde Wereld, dat over haar eigen jeugdjaren bij de Noorse Broeders gaat.

Meer achtergrondinfo

In 2012 vind je de officieel Christelijke Gemeenschap Nederland genoemde Noorse Broederschap beweging ‘gewoon’ op internet, Facebook, Wikipedia, etc. Volgens de organisatie zijn er zo’n 2.000 leden in Nederland. Meer info: het interview van Pauw & Witteman met Ellen Heijmeikx, de website van gemeenteleden Flietstra, een boekje open door ex-leden in Netwerk, nog een interview met Heijmerikx, en info op sektehulp.nl en hartenziel.nl.

Aanvulling 2016: Rechtvaardiging voor de keuze van toen, Jildert de Boer over Carine Damen (Ik was gek van geluk) en Heijmerikx. De Noorse broeders hebben nu een weblog op noorsebroeders.nl, twitteren op @noorsebroeders en hebben een Facebook profiel. Het in 2015 verschenen boek van de al aangehaalde Jildert de Boer, Het falen en dwalen van sekten aangetoond, dat het Reformatorisch Dagblad gebruikte in artikelen kon op reacties rekenen.