Christian Gremmels & Heinrich Grosse – Dietrich Bonhoeffer – Zijn weg in het verzet

Vóór ons bezoek aan het voormalig concentratiekamp Flossenbürg in het oosten van Beieren had ik er nooit bij stilgestaan. Een buste van Dietrich Bonhoeffer in de permanente tentoonstellingsruimte prikkelde me. Deze bekende Duitse theoloog en verzetstrijder tijdens het Hitlerbewind was hier, op 9 april 1945 gestorven. Alle reden om eens boek over diens leven bij de bibliotheek te zoeken. Dat is Dietrich Bonhoeffer – Zijn weg in het verzet geworden. Dr. Christian Gremmels (1941) is hoogleraar voor Lutherse Theologie aan de universiteit van Kassel, dr. Heinrich W. Grosse (1942) is hoogleraar aan het pastoraal-sociologisch instituut van de Lutherse Hogeschool in Hannover. Het duo scheef het boek als aanvulling op het onderzoek van het Bonhoefferproject. Bonhoeffer, een lutherse predikant, die als ‘getuige van Jezus Christus onder zijn broeders’ het verzet tegen het nationaal-socialisme met zijn leven betaalde, en die vandaag de dag door de christenheid over de hele wereld tot de christelijke martelaren van de twintigste eeuw wordt gerekend. In dit boek beschrijven vier metgezellen van Bonhoeffer persoonlijke herinneringen: Eberhard Berthge (in 2000 gestorven), leerling, vriend en latere biograaf; Renate Bethge, Bonhoeffers nichtje; Albrecht Schönherr, leerling van Bonhoeffer tijdens zijn theologiestudie en Boenhoeffers vicariaat, en Gaetano Latmiral (gestorven in 1995), die als Italiaanse medegevangene Dietrich Bonhoeffer ontmoette in het huis van bewaring van de Wehrmacht in Berlijn-Tegel.

Bonhoeffers familie had banden met diverse joden, en direct na de machtsovername van Ad0lf Hitler waren de ideeën en doelstellingen van het nationaal-socialisme Dietrich duidelijk. De in 1906 in Dreslau geboren man had theologie gestudeerd in Tübingen en Berlijn, had periodes doorgebracht in Barcelona, New York en London. In 1933 hield hij een radiovoordracht over het begrip ‘Führer‘ en een voordracht ‘De kerk en het jodenvraagstuk’.  Inderdaad moest de kerk zelf ook het jodenvraagstuk oplossen. De eeuwenlang beleden vervangingstheologie had aanvankelijk ook z’n sporen in de theologie van Bonhoeffer achtergelaten, maar het appèl op de naastenliefde, het opkomen voor de rechtelozen, ofwel een diepe overtuiging dat Christus’ Bergrede in de praktijk gebracht moest worden en het besef, dat Jezus Christus zelf ook een jood was, veranderde alles. Zijn toespraak tot de oecumenische conferentie in Fanö markeerde een andere keuze, namelijk enerzijds die van het pacifisme (het weigeren van de dienstplicht), anderzijds de keuze voor verzet tegen de tot dan toe als door God gegeven instelling overheid. Dat bracht hem ertoe mee te werken aan een aanslag op Hitler. Deze op 20 juli 1944 bedoelde aanslag mislukte, waarmee géén einde kwam aan de Tweede Wereldoorlog. Ruim een jaar eerder, in april 1943, was Bonhoeffer al gevangengenomen wegens ondermijning van de militaire kracht.  Hij heeft zijn keuzes nooit verdedigd, maar verantwoord, waarmee hij totaal anders was dan de gevestigde kerkorde van die tijd. Vanuit de gevangenis kon hij nog wel corresponderen, met bijvoorbeeld zijn jonge verloofde Maria von Wedemeyer met wie hij echter nooit 1 uur alleen is geweest. In februari 1945 werd hij overgeplaatst naar concentratiekamp Buchenwald. Op 8 april wordt hij ingesloten in het concentratiekamp Flossenbürg, ‘s nachts door een standgerecht veroordeeld, en de volgende ochtend vermoord en verbrand. Drie weken later pleegde Hitler zelfmoord en kwam 9 mei de totale capitulatie van Duitsland. Bonhoeffer heeft het zelf de bevrijding niet meer mogen meemaken. Zijn gedachten over praktische theologie, het voorbereiden van kerkelijk werkers in de praktijk, pacifisme en niet te vergeten de houding van elke individuele christen, maar ook de georganiseerde kerk ten opzichte van de naasten, de aardse broers en zussen van Jezus Christus gaf hij mee.