Tymen Trolsky – Karl Marx Universiteit

Tymen Trolsky, het pseudoniem van Jasper Mikkers, bracht eind 2009 na enkele eerdere romans Karl Marx Universiteit uit over de bezetting van de Universiteit van Tilburg eind jaren ’60 om het bestuur te dwingen meer zeggenschap aan de studenten te geven. Een episode die tussen mei 1968 (de Meirevolutie aan de Sorbonne in Parijs) en mei 1969 (bezetting van het Maagdenhuis in Amsterdam) plaatsvindt, maar aan de geschiedenisboeken ontsnapt leek. Het 40-jarig ‘jubileum’ en het nog niet eerder beschreven zijn waren motieven om het boek te schrijven. Trolsky wilde geen sleutelroman of geschiedenisboek en koos voor een roman rond hoofdpersoon Fedde Reephof die als journalist voor het regionale dagblad Het Nieuwsblad van het Zuiden ruw uit de wereld van non-nieuws wordt weggeroepen om eerste demonstraties op het universiteitsterrein van Tilburg te verslaan. Hij ontpopt zich als pleitbezorger voor de zaak van de protesterende studenten en speelt een geraffineerd spel met het universiteitsbestuur.

In de roman is een tweede verhaallijn, namelijk de zoektocht naar zijn zoon Jeroen in Parijs, waarbij Fedde zelf tijdens demonstraties met het felle politieoptreden geraakt wordt en langdurig in coma belandt. Aan het eind van de roman ontwaakt hij uit zijn comateuze toestand en hervindt langzaamaan zichzelf, zijn eigen vrouw Elza en dochter Maggie. In de loop van de roman zijn er flash-backs uit de periode in Parijs, maar ook – blijkt later – van het bezoek en de gesprekken in het ziekenhuis. Deze flitsen zijn weer knap verweven in de aanloop naar de bezetting van de universiteit in Tilburgse studentenflats, waar seks, drugs, discussies over bestuurlijke systemen het leven bepalen. Nicoline, de vriendin van zoon Jeroen, heeft een onstuimige, voornamelijk op seks en zeker niet op onderlinge verplichtingen geënte relatie. Vrouw Elza schopt Fedde na het ontdekken van diens overspeligheid het huis uit en zo trekt Fedde bij Nicoline in, waarmee hij ook belandt in het broeiende nest van met socialisme, communisme en democratische hervormingen dwepende studenten. Vanwege zijn leeftijd en beroep wordt hij op z’n best getolereerd, maar nooit één van hen. Trolsky schildert de aanloop naar en het verloop van de bezetting, waar bestuurlijke onervarenheid, vermoeidheid en dubbele agenda’s uiteindelijk een katerig gevoel na beëindiging van het 10-daagse beleg van de gebouwen geven. De betrokkenheid bij de wereld buiten, maakt de eigen wereld klein; de bestuurlijke wanorde buiten wordt aanegklaagd, terwijl een oproer van de vrouwelijke studenten over de schoonmaak van de studentenflats aan de Prof. Verbernelaan evenzeer een appèl op de eigen mores doet. De roerige zestiger jaren met een o zo menselijke doorkijk naar later, waar de revolutionairen zelf de nieuwe machthebbers bij bedrijven en organisaties zijn geworden en slechts weinigen trouw aan hun toenmalige ideologische principes. Humorvolle fictie en toch treffende schets van een tijdperk, dat net vóór mijn geboorte ligt.