Posted by Henk-Jan van der Klis On 5 september 2011
Het was 1 augustus na een donker en verregend weekend weer even wennen aan een optimistische weersverwachting met 20+ graden. ‘s Morgens vroeg op weg naar Regensburg aan de Regen en Donau leek het er nog niet op, maar weeronline.nl was stellig geweest. De 80km rit naar de stad van BMW, Infineon, Don Juan van Oostenrijk (in 1547 in Regensburg geboren), de oudste muziekschool ter wereld en 20.000 studenten was de moeite zeer waard. Een overzichtelijke oude binnenstad, per voet bereikbaar via de Steinerne Brücke vanaf het Stadtamhof, waar we de auto gratis hadden kunnen parkeren. Panorama’s vanaf en langs het water blijven mooi, en een binnenstad vol kerken, een schitterende Dom, oude stadspleinen en winkelstraten met opvallend veel luxe en aparte kleding, in plaats van de 13-in-een-dozijn varianten die veel Nederlandse binnensteden tot een saaie gelegenheid hebben gemaakt. Van Der Hutmacher am Dom tot een Trachten.de winkel, waar je dochter zó in een Beierse serveerster omgetoverd kan worden, van diverse Italiaanse ijstenten, bakkers en slagers tot de betere juweliers. Ja, er zijn ook toeristenwinkels, maar opvallend weinig en niet opdringerig. In 2006 werd het oude centrum van Regensburg samen met het stadsdeel Stadtamhof aan de overzijde van de Donau tot Werelderfgoed verklaard.
Het is handig bij een eigen bezoek even bij de VVV aan het Rathausplatz aan te gaan en voor €0,20 een stadsplattegrond en informatiefolder ‘Regensburg in één oogopslag’ te scoren. De St. Peterskathedraal / Dom kun je de hele dag door gratis bezichtigen, en dat geldt ook voor bijvoorbeeld de rustiger en lichtere Neupfarrkirche en de Schottenkirche St. Jacob, tevens een station aan het pelgrimspad naar Santiago de Compostella (nog 2705km vanaf Regensburg). In een paar uur heb je de binnenstad ook wel weer gezien, alles is op loopafstand hier.
Posted by Henk-Jan van der Klis On 13 augustus 2011
“We hebben wel van Dachau en Auschwitz gehoord, maar nooit van Flossenbürg.” was één van de zinnen in de tijdelijke tentoonstelling eind juli in het voormalig concentratiekamp Flossenbürg in het oosten van Beieren, tegen de Tsjechische grens. Het had ook voor ons kunnen gelden. Het is geen hobby om elke vakantie een concentratiekamp te bezoeken, maar vinden het wel nuttig voor onszelf en onze kinderen om de tijdens het Duits nationaal socialisme / Hitlerbewind begane wreedheden zo aanschouwelijk mogelijk te maken. Prima, dat groep 8 van de CNS Balkbrug daarom elk jaar een bezoek aan voormalig kamp Westerbork brengt. En zo stonden we na het bezoek aan Sachsenhausen bij Berlijn (december 2008) nu opnieuw aan de poort van een voormalig Duits concentratiekamp.
In 1936 en ’37 werd rond de plaatselijke steengroeve, waar vooral grantiet gewonnen werd, een concentratiekamp gebouwd. Van 1938 tot 1945 zaten hier totaal 100.000 mensen gevangen uit 30 landen. Grote groepen zigeuners, homosexuelen, joden en Jehovagetuigen. In totaal hebben 1.162 Nederlanders gevangen gezeten. Er werd gewerkt in de steengroeve of in wapenfabrieken. Met 90 satellietkampen behoorde Flossenbürg tot de grotere concentratiekampen in het Derde Rijk. Vlak voor de bevrijding door het Amerikaanse leger in april 1945 werden de gevangenen, uitgezonderd de zieken, op dodenmarsen richting Dachau geleid. Slechts één groep bereikte daadwerkelijk Dachau (bij München), de andere werden onderweg gered door de Amerikanen of betreurden gevallenen. Eveneens vlak voor de bevrijding vond in Flossenbürg de bekende Duitse theoloog en verzetstrijder Diettrich Bonhoeffer op 9 april 1945 de dood door ophanging.
Pas sinds 2007 is het terrein in de huidige vorm volledig ingericht met 2 tentoonstellingsruimtes, eregraf, diverse monumenten en nog te bezoeken wachttorens en crematorium. De vaste tentoonstelling in het voormalige badhuis leert over de geschiedenis van het kamp, geeft de gevangenen een gezicht en laat zien welke kampen er in de omgeving nog meer zijn opgetuigd. De tijdelijke tentoonstelling in de voormalige keuken liet bij ons bezoek juist portretten van plaatselijke dorpelingen, leeftijdgenoten en landschapsfoto’s van Flossenbürg zien. Want, hoe geef je na de oorlog vorm aan het dorp? Is het te rechtvaardigen voormalig kampterrein tot woonwijk om te bouwen, in de jaren ’50 vernieuwde ansichtkaarten ‘groeten uit Flossenbürg’ te ontwerpen? Of past meer de laatste aanpassing van het kampterrein door de appèlplaats te ontdoen van een fabriek en juist de leegte te laten spreken?
Nu de kinderen weer 2,5 jaar ouder zijn dan in Sachsenhausen kun je weer meer uitleggen, maar hebben ze zelf via school en tv ook al heel veel meegekregen. Begrip, maar ook veel waarom-vragen. Dat het een druilerige dag was, zondag 31 juli 2011, deerde niet. Ik vond het wel passend bij een bezoek aan een van barakken, hekken en mensen ontdaan KZ Flossenbürg.
Posted by Henk-Jan van der Klis On 12 augustus 2011
Het Beierse Woud in Zuid-Duitsland tegen de Tsjechische grens aan, biedt veel mogelijkheden voor een dagje uit als gezin. Een aantal dagtrips hebben we vanuit Ceska Kubice, net over de Tsjechische grens bij Furth im Wald zelf gemaakt. Ik maak je graag deelgenoot.
Wald Wipfel Weg
De amper 5 jaar oude Beierse variant van het Drentse Boomkroonpad heet Wald Wipfel Weg en ligt in Maibrunn bij het dorp Sankt Englmar. Volwassenen kunnen er voor €6 naar binnen, kinderen van 7 tot 17 jaar betalen €4 per persoon. Een gezinskaart kost €18. Daarvoor mag je over de boomtoppen wandelen langs een 2,5 meter breed pad op betonnen palen. De constructie is stevig, maar slaat toch zo uit, dat je het merkt. Het uitzicht over de Beierse heuvels is schitterend.
Een natuurleerpad over de flora en fauna, dierengeluiden en -gewoonten, de tijd dat afval nodig heeft om door de natuur afgebroken te worden, een klimpark, tipi, merchandise en terras maken het park compleet. De kinderen kunnen aan een klimwand, over boomstammen en in een touwbrugconstructie hun lol op.
Bob & Coaster Egidi-Buckel
Op 1km afstand ligt in Sankt Englmar tegen de heuvels op een tweetal rodelbanen, één traditionele bobbaan (door een goot) en een splinternieuwe coasterbaan op rails, beide 1km lang. Het voordeel van de coaster versie is, dat deze in alle weersomstandigheden te gebruiken is. Overdag trekken de banen veel bezoekers uit binnen- en buitenland. Vanaf 8 jaar mag je alleen in een slee de baan beproeven. Eén van mijn ritten heb ik zelf gefilmd.
Enkele ritten kosten €2,30, 6 ritten voor €9. Ben je op vrijdag in de buurt dan kun je vrijdagavond komen rodelen voor €1 per rit, is er een bbq present en zijn er (muziek)voorstellingen op het terras. Naast de rodelbanen zijn er bootjes, trampolines en andere attracties om je desgewenst van nog meer vakantiegeld af te helpen.
Arber
Het hoogste punt van het Beierse Woud is de Arber met 1.456m. Je vindt de berg tegen de Tsjechische grens, ten noordwesten van Bayerisch Eisenstein, dat bij de grensovergang met Zelezna Ruda ligt. Ruime parkeergelegenheden bij het dalstation voor €2. Maak je gebruik van de kabelbaan, krijg je €1 terug. De gondels zijn niet goedkoop. Familiekaart voor een enkele rit is €22 (2 volwassenen, 2 kinderen). Losse volwassenen betalen €10, kinderen €6. Bij een retourtje kun je er nog €6 bijtellen. Lopend naar boven of beneden kan ook. Wij zijn lopend in 45min naar boven gegaan. Naar beneden moet sneller kunnen.
Boven bij het bergstation is een goed uitgeruste Gaststätte te vinden voor het onderhoud van de inwendige mens. Het eindje naar het Gipfelkreuz is dan niet ver meer. Je kunt, als het weer omslaat, zoals bij onze wandeling ook boven een kaartje kopen voor een enkeltje naar beneden.
Hohenbogen
Freizeitzentrum Hohenbogen zal in de winter een reuzegezellig wintersport vertrekpunt zijn. In de zomer kun je met een stoeltjeslift naar de ruim 1.000m hoge top om onder meer naar de voormalige NAVO torens te lopen. Halverwege kun je ook uitstappen en met de Sommerrodelbahn naar beneden. De sleetjes nemen je in slechts 600m slingers weer mee naar beneden. Bij het zien van de rodelbaan en de bijbehorende prijzen (half uur lopen + rodelbaan voor €2,50 per keer of inclusief de stoeltjeslift €4) zijn we rechtsomkeert gegaan.
Natur-Art-Parks Arrach
Vanuit Arrach kun je al jarenlang wandeltochten houden. Sinds 6 augustus 2011 is er een nieuw 3,5km traject bij, het Natur-Art-Parks, dat twee musea (Drexler handwerk- en Mineralenmuseum), het speel-, sport- en doepark Seepark, een aantal glaskunstwerken en diverse leerpaden (natuur, energie, veen) met elkaar verbindt.
Een indruk van het traject vind je hieronder.
Furth im Wald
Furth im Wald is een provinciestadje aan de grens met Tsjechië dat zich heeft vastgebeten in het thema draken. In augustus wordt het jaarlijkse Drakensteekfeest gehouden, een uit de Middeleeuwen stammend volksfeest met reusachtige draken die in de 21e eeuw volgepakt zitten met licht, geluid, vuur en indrukwekkende verpakkingen. Je moet kaarten kopen en vanaf de in de binnenstad opgestelde tribunes toekijken. Overdag kun je er ook terecht voor een stadsrondwandeling, shoppen of boodschappen doen in één van de supermarkten langs de rondweg (Netto, Lidl, Edeka, etc.).
Posted by Henk-Jan van der Klis On 9 augustus 2011
Deze zomervakantie bezochten we natuurlijk ook het 60km van ons gehuurde huis gelegen Plzen (Pilsen in het Duits en je raadt het al, de ‘wortel’ van de woorden pilsener en pils). Thuis had ik een plattegrond afgedrukt van de binnenstad. Bij het binnenkomen van de stad vanaf het zuidwesten vielen direct de grote industriegebieden en bedrijventerreinen op. Weinig kantoren, wel laagbouw. Direct in het centrum kun je bijvoorbeeld parkeren op het plein bij de Sady Petatricatniku, waaraan de Grote Synagoge (de twee na grootste ter wereld) grenst. Aan de overzijde van de 26 staat Plzen Plaza een modern winkelcentrum, aan de andere kant ligt het historische stadscentrum met daarachter pas de Pilsner Urquell. Het geeft de contrasten in deze stad, waar niet alleen een gedenkteken aan generaal George Patton, een obelisk ter ere van de bevrijding van het Sovjetbewind (1989), maar ook kerken, galerieën, een conservatorium, schitterende stadsgevels en een bijna 5 eeuwen oud stadhuis te vinden is. Plzen biedt zo veel meer dan een bezoek aan de brouwerij, sterker: dat hebben we zelf maar overgeslagen. Met drie opgroeiende kinderen was het veel leuker de parken en pleinen bij langs te struinen, panden te bewonderen en te zoeken naar een lekker ijsje. Toeristenwinkels, souvenirs, etc. zul je in de historische stadskern niet vinden, ook een aparte gewaarwording.
De St. Bartholomeüsdom (één van de plekken waar de schedel van de apostel Bartholomeüs zou worden bewaard) kun je van binnen bekijken en de toren beklimmen. Musea zijn er ook voor de liefhebbers: het Westbohemen museum, Etnografisch museum, het Bierbrouwerijmuseum en Poppenmuseum. Een treintje brengt je naar de ZOO, de Botanische Tuin en een Dinopark. En, evenals in Arnhem, rijden er trolleybussen.
Posted by Henk-Jan van der Klis On 8 augustus 2011
Veel Tsjechische soldaten zullen in de Koude Oorlog op de uitkijk of aan de afluisterapparatuur op het hoogste punt van de Tsjechische zijde van het Beierse Woud hebben doorgebracht. Vijandelijke boodschappen afluisteren, misschien wel de Duitse televisieprogramma’s bekijken op propaganda en anders wel met radar of andere middelen eventuele troepenbewegingen in de gaten houden. Na de val van het IJzeren Gordijn duurde het nog een decennium voor de locatie gedemilitariseerd was en de in 1905 gebouwde uitkijktoren weer het oorspronkelijke doel: toeristen een blik op de heuvelachtige omgeving gunnen, teruggegeven werd.
Met een verblijf in Ceska Kubice, één van de dorpen aan de flanken van de 1042m hoge Cerchov was het natuurlijk een verplicht nummer wandelend de top op te zoeken. In het dorpscentrum stonden de wegwijzers voor wandelaars al. Pec Pod Cerchov leek me een prima aanduiding voor de gezochte top. Aan de wandel dus langs de gele route. Die bracht ons via een asfalt- en keurig bospad inderdaad in Pec Pod Cerchovem, een klein dorp met hotel, winkel en diverse (vakantie)woningen aan de andere kant van de berg. Op een overzichtskaart in het dorpscentrum nogmaals gekeken. De blauwe route zou ons naar de top brengen. Alleen konden we die niet zo snel vinden. Toen we een eind verder (noordelijker bleek later) achteruitkijkend één van de twee uitkijktorens op de top zagen, wisten we, dat de blauwe route ergens anders moest starten. In het dorpscentrum van Pec dus. Vandaar wel fors stijgend over bospad en rotsen alsmaar verder omhoog. Met al meer dan de beloofde 5km achter de rug vonden de kinderen dat géén geslaagde onderneming. Na 2,5u wandelen eindelijk boven draaide dat snel bij. Met Klazien bekeek ik vanaf de toren de omgeving. Daarna ijs, hot dogs en voor mij een hamburger op het terras van het enige café bij de top. Die tent was overigens binnen geheel ingericht in Sovjet tijdperk stijl, van portretten van politici, propagandaposters van de Russische ruimtevaart, gasmaskers tot party foto’s van soldaten ter plekke.
Op de overzichtskaart van de omgeving bij de Cerchov bleek de veel snellere route naar Ceska Kubice een klein stuk blauwe route, en vervolgens over het asfalt rechtuit dalend de rode route te zijn. Na de 12,5km stijgende en slingerende heenweg, was de 7,5km terugweg een makkie die in bijna 1,5u tijd afgelegd werd. Compliment aan ons drietal dat op deze manier wel even 20 wandelkilometers kon bijschrijven. Dat ze thuisgekomen zonder problemen direct het zwembad insprongen en de stress van de heenweg al lang vergeten waren, blijft leuk.