Als projectmanager heb ik een bepaalde associatie bij het begrip ‘product. Producten zijn de tastbare resultaten van een project, de vooraf gedefinieerde uitvoer, de invulling van vooraf gemaakte afspraken, binnen gestelde kaders van tijd, geld en kwaliteit. Een product, of het nu software, een procedure, werkinstructie of apparaat is, is op een gegeven moment klaar, af, geschikt om gebruikt te worden, in staat om een bepaalde behoefte in te vullen. Binnen versiebeheer wordt dan een x.0 versie gemaakt die het publiek duidelijk maakt: ‘dit is ‘m’. Om daar te komen laat ik systeem-, integratie- en acceptatietesten uitvoeren door verschillende groepen belanghebbenden, van ‘echte’ testers, eindgebruikers tot en met beheerders. Goed is goed genoeg. Als vooraf zelfs een ‘definition of done’ is opgesteld, kun je terecht aannemen, dat het klaar is om van je backlog, je planning of to-do list af te strepen. Dat geeft rust en schept ruimte om je focus te verleggen naar de realisatie van een nieuw product.
Perpetual beta
Dat bijvoorbeeld aan diverse Google software jarenlang het label ‘beta’ heeft gehangen, geeft blijk van een heel andere visie op productontwikkeling. Bij Google noemen ze dat projecten, hoewel er van de aan projecten inherente eindigheid niets valt te merken. In plaats van een beperkte groep (interne) testers, of nadat een interne groep testers een zogenaamde reeks alpha versies heeft getest, worden beta versies die kortcyclisch verrijkt worden met verbeteringen, via het grote publiek uitgetest. Dat is kostentechnisch een interessant alternatief. Je huurt geen testers in tegen betaling, maar biedt bijvoorbeeld beta versies gratis aan in ruil voor feedback. Zo heb ik jarenlang Mindjet en Xobni geholpen en mag er nog altijd gratis gebruik van maken. Kijk maar rond op je desktop, laptop of smartphone hoeveel beta producten er geïnstalleerd staan.
Versienummers doen het er dan niet toe. We kunnen makkelijk smalend doen over de Microsoft patches die nodig zijn om Windows of Office veilig te houden, maar accepteren ook driewekelijks een nieuwe iTunes versie van Apple (85MB), tweemaandelijks een nieuwe FireFox (van versie 3.6 naar 5.0 was echt maar een kwestie van enkele maanden), frequent een nieuwe OS update op je smartphone of tablet, WordPress core files. “Mijn rijtje” applicaties als IrfanView, Dropbox, Digsby, Mixero, Spotify, NotePad++ en TotalCommander vraagt me regelmatig tijd voor het doorvoeren van updates. Ik begrijp best waarom veel bedrijven nog steeds terughoudend zijn bij het laten installeren van eigen software op bedrijfsmachines en het voeren van een x-1 versiebeleid en pas doorvoeren van patches een aantal dagen ná de vrijgave ervan.
In de Mashable recensie van de vorige week geïntroduceerde Google+ dienst las ik: “There’s a reason why Google calls this a “project” rather than a “product” — they don’t want people to think of this as the final product, but as a constantly-evolving entity that permeates every corner of the Google empire.”
Niet alles wat project genoemd wordt
Daar zit ‘m de kneep. Je kunt iets wel een project noemen, maar als er geen duidelijke opdrachtgever, opdracht, doelgroep, resultaatverplichting of in te vullen behoefte is, wat maak je dan? In wiens tijd en voor wiens rekening? Google Wave en Google Buzz waren ook ongedefinieerd, werden losgelaten op het grote publiek, dat gretig invites verzamelde, maar na eerste verkenningen het maaksel even snel weer dumpten. Google+ lijkt bij de introductie ook weer zo’n insteek te hebben. Belemmerend hoeft dan nog niet eens het ontbreken van een behoefte te zijn, als het aanbod maar wel helder is. Kijk maar naar successen als sms, instant messaging en Twitter. Hebben we ooit zonder gekund? Jazeker. Wil je nu zonder? Nee. Is de kernfunctionaliteit sinds de introductie radicaal gewijzigd? Nee.
Halfbakken is niet af
Stel je wilt een brood kopen en de bakker biedt je nog rijzend meel in blik aan, zijn beta versie van een volkoren bruin. Of je bestelt een auto, maar krijgt een carrosserie zonder bedrading en wielen. Of een scheurkalender die na juni niets meer te melden heeft. Dat pik je niet, laat staan dat je er geld voor over hebt. Waarom doen we dat wel bij software? En wagen we er ook nog ‘product’ en ‘project’ aan te koppelen?
Related articles
- Why Google+ Project Is Not Another ‘Wave’ or ‘Buzz’ (techpluto.com)
- With Google+, Google Begins Its Latest Assault on Facebook (news.dice.com)
- FYI: Office 365 Is Out of Beta (yawn) (technoverseblog.com)
- Google Announces Google+: Its Most Ambitious Social Networking Project Yet (siliconfilter.com)
- Google is Making Another Attempt at Social Networking Through ‘Google+’ (chris.pirillo.com)
- Apple Releases iOS 5 Beta 2: Wi-Fi Sync & OTA Updates Enabled (Report) (chatootsboots.wordpress.com)
Popularity: unranked [?]














Laatste reacties