«

»

apr 08 2010

Charmaine – Love Reality

Charmaine is na 8 jaar terug met een tweede soloalbum. In 2002 besprak ik haar debuut All About Jesus voor het muziekblad Bottomline. Ze was de zoveelse ‘ontdekte tiener’, enig kind van naar Australië geëmigreerde muzikale Chilenen. David Smallbone, vader en manager van Rebecca St.James ontdekte het talent van Charmaine en dat leidde bij Inpop tot een contract, de release van het debuutalbum en een verhuizing naar de VS. Daar mocht ze in het voorprogramma van St. James haar kunsten vertonen. De laatste 7 jaar was ze niet uit het RSJ-kamp weg te slaan en tourde ze verder met Newsboys en Jeremy Camp, tot ze in 2009 de kans kreeg een nieuw album bij in:ciite (voorheen Indelible Creative Group) op te nemen. Als teaser werd 25 september 2009 de single TOKYO! uitgebracht. Big in Japan, zeg ik maar.. TOKYO! is een frisse new R&B song, en doet evenals de titeltrack aan Corinne Bailey Rae denken. Verder mag in je in plaats van worship of zoetsappige liedjes vooral doortimmerde europop (dus met bovengemiddelde inzet van toetsen) met een ontspannender insteek dan Rebecca St. James zelf.

Love Reality opent met het georchestreerde Tell Me, met strijkers en een orgel, dat door Fred Williams (Backstreet Boys) en Chris Carmichael op de diverse instrumenten in elkaar is gezet. At My Door ontpopt zich na een eenvoudige loop tot een power ballad. Charmaine’s vocalen zijn met de jaren véél beter geworden. Run kan mee de dansvloer op, ik zie ook potentie voor een eigen single met remixes. Tied To The Ground is na Tokyo een rustgevende synthpop ballad vol hoop in bange dagen. Het met Fred Williams en Jeremy McCoy geschreven Fighting Furies haalt de strijkers terug en houdt het tempo in. Melodielijn is wel verrassend gearrangeerd op een triphop / mediterranean lijn, tot na 3 minuten de computers de overhand nemen en de roep om redding opgezweept wordt. Een kamerorkest is uitgenodigd om Not Fair te begeleiden, hoewel de synths van Fred Williams ook hier de basis vormen in deze ballad. Epiphany, dat net als At My Door over Gods genade vertelt, is in een moddervette mid-tempo R&B synthpop kader gezet (denk aan de wat langzamere TobyMac tracks, gemengd met Krystal Meyers (ook geliefd in Japan overigens), maar dan op z’n Europees). Revolutionary Thought sluit met verfijnd gitaarwerk, harp en piano af, met een opbouw naar een andermaal met strijkwerk omgeven slot: “What a revolutionary thought, that God, is all we hoped, He’d be closer than the air we breathe.” Het betere popalbum van 2010!

Verder kennismaken kan op FacebookTwitter, Myspace, Youtube of haar weblog.

Reblog this post [with Zemanta]

Popularity: 4% [?]